De Verwensing

De pastorie die ik bezocht, had jarenlang predikanten gehuisvest die kort na hun intrek het pand weer moesten verlaten omdat ze een ziekte opliepen, die vergelijkbaar was met schurft. Dit veroorzaakte bij iedereen een ondraaglijke jeuk. De laatst aangekomen predikant had ook al symptomen die wezen in de richting van dit ongemak. Hij had besloten zich niet te laten verjagen zoals zijn voorgangers. Die hadden uitsluitend de medische weg gekozen. De stap van deze man mocht echter niet aan de grote klok gehangen worden: het kerkbestuur zou zeker niet ingestemd hebben met zijn beslissing een paragnost te raadplegen. Via de vrouw van de koster werd daarom de afspraak met mij gemaakt. Deze vrouw had er al vaker op aangedrongen dat iemand anders eens zijn licht zou laten schijnen over deze merkwaardige ziekte. Uit boeken van en over de pastorie bleek dat de kwaal ruim tweehonderd jaar geleden reeds voorkwam binnen deze muren. De ellende was eigenlijk direct na de voltooiing van het gebouw al begonnen en had sindsdien zeker veertig predikanten geplaagd, die als gevolg voortijdig waren verdwenen. Mijn komst werd als zeer vertrouwelijk gezien en ik hoopte te kunnen helpen, waarbij ik een rol zou kunnen spelen zonder veel onderzoek te hoeven doen. Dat lukte gelukkig.

Ik kreeg vrij spoedig na mijn aankomst contact met een overleden man die een beschuldigende vinger opstak en zich manifesteerde bij een stapel stenen in de pastorie. Deze veronderstelling bleek te kloppen, want de huidige predikant had al enig onderzoek gedaan in de boeken die het kerkbestuur had bijgehouden. Het bleek te gaan om een man die zijn kerkelijke belasting in die tijd niet had kunnen voldoen. Hij had daarom moeten betalen met een stapel bouwstenen, die voor zijn eigen huis bestemd waren. De stenen die hem ontnomen waren hadden een tegenwaarde van elf stuivers, in die tijd een aardige som geld.

De in beslag genomen stenen werden in dit geval de steen des aanstoots, want ze waren later gebruikt bij de bouw van de huidige pastorie. Dit had de gestorvene waarschijnlijk niet kunnen verkroppen, waarna hij een vloek uitgesproken zal hebben in de trant van krijg allemaal de schurft of iets dergelijks. Een verwensing die grote gevolgen had en qua kracht een langdurige invloed bleek uit te oefenen! Aan mij om te proberen de vloek te doorbreken.
 
Nu heb ik enige ervaring op dit gebied en ik stelde voor het bedrag in stuivers terug te geven, zodat de geest van de dode weer kon rusten en geen kracht meer zou ontwikkelen die dominees konden treffen. Met gepast respect voor het hem aangedane onrecht, hebben we deze munten bij zijn graf begraven en hoopten op een goede afloop.
Enkele dagen later kreeg ik het bericht dat de dominee voorspoedig herstelde van zijn kwalen en geen nieuwe, vreselijk jeukende plekken meer kreeg.

Dit voorval bracht weer eens naar voren dat, hoe oud ook de vervloeking is, er altijd een oplossing gevonden kan worden. Mits men weet dat de geest een lange adem heeft en onrecht een stempel kan drukken op zaken die allang vergeten zijn.

 
Suspense Publishing