Het Spookt in de Kroeg

Het cafbedrijf dat ik bezocht had een rijke historie. Al vanaf de zestiende eeuw was dit lokaal een kroeg geweest en er was menig glaasje geschonken. Nu zat plots de klad erin en de eigenaar maakte zich grote zorgen. De reden van mijn komst naar deze gelegenheid kwam voort door een vreemd verschijnsel waardoor de vaste klanten weg begonnen te blijven. Het ging om een spook die de bezoekers schrik aanjoeg, waardoor de klandizie niet meer durfde te komen.

Het was begonnen in de kelder die onder het hele huis doorliep en eigenlijk geen dienst meer deed, behalve voor het plaatsen van enkele biljarttafels. Hiervoor moest de kelder uitgediept worden om voldoende stahoogte te krijgen. Daar waren de eerste moeilijkheden ontstaan, die men niet als een teken aan de wand had gezien. Het was niet mogelijk gebleken de vloer waterpas te krijgen, wat men ook had gedaan. Uiteindelijk had men op de plaatsen waar de tafels kwamen te staan maar zware ijzeren platen laten leggen.

Toch zat het niet lekker in die kelder. De stamgasten die boven in het caf aan de tap zaten, hoorden vaak genoeg duidelijk dat er beneden in de kelder gebiljart werd, terwijl daar niemand aanwezig was. Dit werd eerst lacherig afgedaan met de woorden dat Ome Piet weer bezig was. Ome Piet was een vaste stamgast geweest en een fervent biljarter en was kort voor de opening van de kelder aan een tafeltje van het caf overleden.

Tenslotte gingen enkele cafbezoekers eens kijken wie er, zonder dat er iemand was, de biljartballen deed rollen. Heel bleek om de neus kwamen ze weer terug van hun missie. Er had geen bal op de tafels gelegen en toch was het net of er vlak onder hun neus een partij biljart werd gespeeld. Na deze constatering gingen ook anderen een kijkje in de kelder nemen, waaronder de eigenaar, want men vermoedde dronkemanspraat. Ook zij moesten vaststellen dat er duidelijk gebiljart werd en wel zonder keu, mensen of ballen.

Gaandeweg bleven de vaste gasten steeds meer weg of kwamen nu en dan langs om te informeren hoe het met de kelder ging. De eigenaar had deze inmiddels afgesloten met een dikke deur en hij had iedereen de toegang tot die ruimte verboden.

Maar als het stil was in de zaak, kon je in de kelder nog steeds de biljartballen horen klotsen.

Aan mij was de taak opgedragen om te kijken hoe dat kon en ik wilde mij daar ook best voor inzetten. Echter, hoe ik mij ook instelde en wat ik ook deed, ik kreeg geen enkel beeld. Nu is mij dat wel vaker overkomen en had ik er maar een remedie voor. Alles verwijderen dat voordien niet in de kelder stond. Ook in dit geval hielp het. De geluiden in de kelderruimte hielden op. Maar of daardoor de vaste klanten zouden terugkomen, meen ik te mogen betwijfelen.
 

 
Suspense Publishing