To be or not to be

De wetenschap had een plan bedacht om wetenschappelijk vast te stellen dat geen enkel levend wezen bang hoefde te zijn voor zaken die niet bestonden. Hiertoe hadden ze een gebouw uitgekozen dat bekend stond om zijn verschrikkingen die zich daar afgespeeld hadden en tal van mensen op de vlucht had gejaagd door verschijningen die zich daar manifesteerden. Met de modernste cameras die op temperatuursverschillen reageerden en microfoons die bij wijze van spreken nog het geluid van een mier konden registreren, hadden zij zich in het gebouw opgesteld in afwachting wat er zou gebeuren.

De hele nacht en de dag erop wees geen enkele activiteit aan dat er iets gaande was geweest. Het stond voor hen onomstotelijk vast dat er geen enkel bewijs gevonden was dat grond kon geven aan de geruchten dat het er zou spoken. Terwijl de technici juist begonnen waren hun genstalleerde materieel weer op te bergen, verscheen er opeens een man in donkere kleding in hun midden die zeker niet tot de wetenschappelijke ploeg behoorde. Zijn kleding was niet van deze tijd en hij droeg een groot zwaard aan zijn zijde. De aanwezige technici waren er als een haas vandoor gegaan met achterlating van de instrumenten die ze met al het geld van de wereld er niet toe kon bewegen deze later op te halen. De wetenschappers aan wie ze hun belevenis vertelden en al eerder waren weggegaan, betichtten hen van stemmingmakerij om het bijgeloof in ere te houden. Ze namen niet de moeite hier verder op in te gaan. De apparatuur had immers al bewezen dat hun visie klopte en daar hielden zij zich aan.

Met deze vorm van wetenschap heb ik vaak te maken. Ook als duidelijk vast staat dat bij hun onderzoek geen apparatuur gebruikt wordt dat electromagnetische velden registreert om in ieder geval te kunnen meten dat buiten hen om ook nog andere energien kunnen heersen, waarbij een camera hoe gevoelig dan ook geen notie van kan nemen omdat het hier niet om lichtgolven gaat die opgewekt worden maar frequenties zijn die buiten dit beeld vallen en nooit op deze wijze opgenomen kunnen worden hoe graag men ook zou willen.
Als op deze wijze de wetenschap aan wil blijven tonen dat geestverschijningen niet bestaan, kan de kloof nooit gedicht worden. En zijn en blijven we aangewezen op ons eigen vermogen de dingen te zien zoals ze zijn, ook zonder wetenschappelijk bewijs. Dat misschien nog heel lang op zich zal laten wachten omdat deze hoek van zien uit een heel andere richting komt.

 
Suspense Publishing