Een stille aanwezige?
In de kroeg van ome Joop en tante Sjaan was ome Arie achter zijn dagelijkse borreltje stilletjes naar een andere wereld heengegaan. Toen ze eenmaal van de schrik bekomen waren, was iedereen het erover eens dat ome Arie, dik tachtig jaar lang, best wel een goed leven had geleefd.
Alleen tegen zijn lege stoel in de hoek bij het raam, keken ze allemaal nog een beetje vreemd aan. En niemand voelde de behoefte om daar plaats te gaan nemen.
Zo ontstond het plan om die plaats in het vervolg maar vrij te houden. En voor wie dat toevallig vergeten mocht zijn of onbekend was in deze zaak, zette ome Joop iedere dag bij het openen van zijn zaak, een glaasje ouwe klare bij de stoel van ome Arie neer.
Dit ritueel is jarenlang zo gebleven, tot ome Joop die een fervent sportvisser was en wekelijks met zijn bootje de plas opging, door een stevig noodweer overvallen werd en verdronk.
Tante Sjaan, die ook al op leeftijd was, deed de zaak toen over aan haar zoon. Die had heel andere ideen, liet de zaak verbouwen tot een Grand Caf, en had van het begin af aan niet te klagen over de klandizie. Al kwamen de oude stamgasten daar allang niet meer.
Toch was er in de nieuwe zaak, bij het raam, iets eigenaardigs aan de hand. Het begon op te vallen dat niemand graag in het hoekje zat, want zodra er een andere plaats vrijkwam, verhuisde men direct naar het ander tafeltje toe.
Dit zou nooit naar buiten toe zijn gebracht, als tante Sjaan mij per brief hier niet had over geschreven. En zij vroeg zich af of dit verschijnsel soms iets met ome Arie te maken had.
Uit een brief kun je daar moeilijk een goed antwoord op geven. Behalve dat het niet onwaarschijnlijk is. Om meer te weten te komen zou ik ter plekke moeten gaan kijken om te zoeken naar sporen van een energie van ome Arie.
Misschien doe ik dat ook wel een keer, als ik in de buurt ben. Al was het alleen maar om tante Sjaan tevreden te stellen. Want ik begreep verder ook uit haar brief dat haar zoon voor dit soort zaken beslist niet open staat, al zou zijn zaak erdoor op de fles gaan.
|